JNNK!

blogt

15 juli 1956 – 18 mei 1980

13 oktober 2007 | 5 reacties »

Zo snel na de première van een film naar de film was ik de afgelopen vijf jaar niet. Nu kwam het goed uit en op een of andere manier was gisteren gaan de geruststelling die ik nodig had. De geruststelling om de film niet te missen. Ik geloof dat ik nog in Londen woonde toen er voor het eerst kond werd gedaan van deze film. Dat Corbijn ‘m zou maken. Nu is de film er.


Ik was twee jaar, elf maanden en een dag oud toen Ian Curtis zelfmoord pleegde. Voor mij kwam Joy Division pas toen ik Dirk van Bastelaere, de dichter over wie ik ook mijn afstudeerscriptie schreef, leerde kennen. In zijn eerste bundel, Vijf jaar, een tamelijk modernistisch debuut voor de dichter die met Pornschlegel en andere gedichten een van de beste Nederlandstalige, postmoderne bundels heeft geschreven, staat een cyclus die ‘Mannen’ heet. Daarin gedichten over mannen die als held de dood hebben gevonden, of zoals in geval van Curtis, gezocht. Eén gedicht over Hernán Cortes, twee over Robert Falcon Scott en twee over Ian Curtis. Hij staat er wat vreemd tussen die twee, een conquistador en een ontdekkingsreiziger. Los van deze gedichten staan er ook verschillende teksten van Curtis als motto’s door de hele bundel heen.
Het lijkt misschien wat gek om mijn verhaal over de film te beginnen met een verwijzing naar de gedichten van Van Bastelaere, maar ik zal u vertellen waarom dat niet zo is. In De Wereld Draait Door hoorde ik Anton Corbijn vertellen dat hij het verhaal wilde laten zien van de mens achter Ian Curtis. Dat klinkt wat cliché, maar dat is het volgens mij niet. Curtis is namelijk zo snel tot held gebombardeerd, dat hij nooit echt mens heeft kunnen zijn. Hij was 23 toen hij stierf. Veel te jong om al held te zijn. Veel te jong om voor altijd held te blijven. Wat was ik nu helemaal op mijn drieëntwintigste? Om maar een voorbeeld te noemen. Van Bastelaere heeft in zijn twee gedichten ook laten zien dat er ergens een mens moest zijn, dat Curtis niet alleen de zanger van Joy Division was.

Curtis
En geen einde dan tot het bittere
Einde. Waar de bittere ochtend
Over de akkers kruipt
Als een ooglid, over een blindgestaard oog.
De muren zijn er witter
Dan zweet. Geen huis, geen verhaal
Bood meer schaduw
Dan zijn eigen, zachtaardige hand
Die hij sloot als een gat
In de dag, omdat hij dat uiteindelijk was.
Ik laat de flarden van mijn handen drogen
In de wind en de zon die over de polders ruist
Is een brute zon. Ik heb
Geen schuld te dragen. Ik heb hem alleen
Gewild. Zo zwart en bewusteloos.
Zo onverklaarbaar.

Dit gedicht is niet het sterkste dat Van Bastelaere ooit schreef. Zijn hoogtepunten komen pas later. Toch doet het wat. Iets wat de film ook doet. De mens laten zien en weglaten waarvan je dacht, wij dachten, dat echt belangrijk was. De film bevestigt iets wat we eigenlijk al wisten: zo onverklaarbaar is de zelfmoord van Curtis niet. Aan de andere kant blijft de vraag naar het waarom, omdat ik blijf vinden, we blijven vinden, dat het niet nodig was geweest. Misschien. Ergens dus toch onverklaarbaar.
Control is een film over Ian Curtis, niet over Joy Division. Control is een fotografenfilm – Oh, die beelden! – in zwart-wit die de mythe tot mens maakt, zonder dat de mythe instort. Control is eigenlijk een gedicht voor een held die vooral mens was. Held blijft Curtis toch wel.


Hier het tweede gedicht, de jaartallen zijn overgenomen uit de bundel.

Curtis 1957-1980
“Ik ben zwart van geluk. Het is
Een doodstille dag waaruit de kleuren
Zijn weggezeefd, en neergedwarreld
In de mist, op je bed. Wanneer je ademt
Wordt het kil: de woorden tussen ons slaan neer
Als damp
En laten me niet los, want de afstand tot mezelf
Is de afstand tot het sterven.
Dat heb ik beslist en het wordt onbedwingbaar.
Dat benadert me langzaamaan als een gil.
Niemand weet wat mij ontbreekt,
Ik ben een kast van onbewogen zilver en het donker
Verzorgt me; toch beeft buiten geen blad
Dat zijn nerven in mij kwijt wil, geen stengel
Die me kan rechten.
De meeuwen zijn op de lucht gespoten
Vergif. De struiken zijn nat porselein.
Daartussen sta ik nog even toe
Als een raam dat je verbrijzelt
Als je het openen wil.”

Hier ook een link naar een wat langere trailer, niet officieel.

blogt
  1. Storm zegt:

    Ik vond het een prachtige film

  2. Rick zegt:

    De film is briljant.

  3. LL zegt:

    Je verwoordt het mooi.

  4. Hiram zegt:

    De film is vooral ook erg grappig op z’n tijd, gelukkig.

  5. George zegt:

    Ok. Durf ik dit te zeggen? Ik vond hem tegenvallen, na alle berichten dat hij geweldig moest zijn. Vraag me maar niet waarom, ik heb de vinger nog niet op de zere plek kunnen leggen.

Reageer