Ik fiets van de kroeg naar huis. Gewerkt, zo nuchter als maar kan. Het is niet ver, maar ik wil graag snel zijn op dit uur. De weg, die iets naar beneden loopt, helpt me daarbij. Ik rem graag op het laatste moment. Net daarvoor zie ik iemand lopen. Met een grote supermarkttas. Het is een vooroordeel, maar grote tassen duiden vaak op zwervers.
‘Mag ik achterop?’, vraagt de jongen met tas en enorme capuchon.
‘Nee,’ zeg ik en op dat moment rem ik en sta ik voor mijn deur.
‘O, was grapje,’ zegt de jongen, ‘ik hou van elf en elf is lopend.’



Zie je wel, helemaal geen zwerver. Hele normale jongen!
Lekker vervreemdend soms, de wereld om je heen.